‘Ik heb een leuke opdracht voor je. Kun je meteen je creativiteit aanspreken. En voor ons een goed startpunt om de komende sessies op door te pakken.’
Ik kijk haar vragend aan maar zeg niks. Ze gaat door: ‘Maak een tekening, waarin je je huidige gemoedstoestand uitbeeldt. Mag alles zijn. Laat je gevoel door het potlood spreken. Neem gerust de tijd om tot je gevoel te komen.’
Ik staar een paar tellen voor me uit, begin dan als een bezetene te tekenen. Onnodig hard druk ik de punt van het potlood op het papier, krassen in het houten bureau achterlatend.
‘Neem rustig de tijd’, zegt de psychologe nogmaals. Maar ik ben al klaar, leg het potlood neer, draai de tekening naar haar toe, ga weer in de rugleuning hangen en kruis demonstratief mijn armen voor mijn borst. Ik had niet meer dan enkele seconden nodig.

Ze kijkt naar mijn tekening. Ze probeert niets te laten blijken, maar ik zie haar lippen in de uiterste hoekjes toch heel lichtjes omhoog krullen, niet als in een glimlach, maar eerder als teken van begrip of, erger nog, medelijden. ‘Oké, dat lijkt me duidelijk’ zegt ze na een paar tellen, ‘Werk aan de winkel… laten we bij het begin beginnen’.
Met een diepe zucht zak ik nog dieper in mijn stoel.
